Alle berichten van Sara Sanders

UCN Beroepsgroep craniosacraal wijzigt toelatingscriteria om veroordeelde psychotherapeut lid te laten blijven

Veroordeelde psychotherapeut is gerespecteerd craniosacraal therapeut bij UCN.

Psychotherapeut A is voor het leven geschorst wegens sexueel misbruik van zijn patient. Deze psychotherapeut fungeert als supervisor binnen de craniosacraal therapie en was docent aan het Upledgerinstituut, opleiding voor craniosacraal therapeuten.

Psychotherapeut/craniosacraal therapeut A was lid van beroepsvereniging UCN.

De beroepsvereniging UCN is aangeschreven;

Citaat:

“Op uw web site schrijft u onder meer dat uw leden beschikken over “een BIG-registratie of registratie bij een beroepsvereniging”. Een van uw leden, de heer A, is echter niet opgenomen in het BIG-register. Hij is daar namelijk in 2002 doorgehaald hetgeen moge blijken uit de bijlagen bij dit bericht. En voor zover mij bekend is hij evenmin geregistreerd bij een beroepsvereniging.

Eén bijlage omvat de uitspraak van het medisch tuchtcollege te Zwolle. De heer  A is doorgehaald als psychotherapeut wegens sexueel misbruik van een patiënt.Bijlage twee is een krantenartikel dat er ook niet om liegt.

Het antwoord is als volgt:

Graag zouden wij, als UCN bestuur, willen weten vanuit welke hoedanigheid u deze mail schrijft. De heer W  is lid van de UCN, omdat hij gecertificeerd is als Upledger craniosacraal therapeut. Dit is de enige voorwaarde om lid te worden van de UCN.

Wellicht verwart u ons met het RCN (Register Craniosacraal therapeuten Nederland). Dit register stelt  andere eisen aan zijn leden en bewaakt de kwaliteit.

Op onze website (www.ucncranio.nl) wordt niet verwezen naar het BIG register. Wij wijzen er daar op dat de UCN niet verantwoordelijk is voor de kwaliteit van therapeut; hiervoor verwijzen wij naar het RCN of andere registers of koepels.

Hopend u wat opheldering te hebben verschaft, teken ik  met vriendelijke groet,

Het antwoord:

In welke hoedanigheid ik reageer doet niet ter zake. Ik wijs u op misleidende informatie. Dit doe ik heel beleefd en het antwoord dat ik van u krijg vind ik zeer zorgwekkend. U bent blijkbaar niet op de hoogte van de inhoud van eisen ten aanzien van UCN therapeuten door uzelf geformuleerd op de website.

Ik zal de informatie op de website waarnaar ik verwijs aanhalen.

“De leden van UCN zijn stuk voor stuk deskundig, gecertificeerd én betrokken. De therapeuten – veelal voormalig fysiotherapeuten – zijn gecertificeerd bij het Upledger Instituut Nederland. Alle UCN-therapeuten beschikken verder over:
• een afgeronde erkende hbo-opleiding (gezondheidszorg of menswetenschappen);
• praktische ervaring met het werken met patiënten/cliënten;
• hbo medische basiskennis (anatomie, fysiologie en pathologie);
• een BIG-registratie of registratie bij een beroepsvereniging.”

U beweert dus wel degelijk dat een UCN therapeut of een BIG-registratie heeft of geregistreerd is bij een beroepsvereniging. En dit is misleidende informatie zoals ik heb aangegeven ten aanzien van de heer W

Ik verwacht een wat gedegener antwoord. Ik verwar zeker niet met RCN. Daar is de heer W namelijk niet geregistreerd. Het is hoogst opmerkelijk dat u bovenstaande kwalificaties hanteert voor UCN leden en naar mij toe formuleert dat “de heer W lid is van de UCN, omdat hij gecertificeerd is als Upledger craniosacraal therapeut. Dit is de enige voorwaarde om lid te worden van de UCN. “

U heeft UCN gelanceerd uit promotioneel oogpunt. Ik wil het bestuur erop wijzen dat u niet geheel vrijblijvend kwalificaties kunt vermelden die niet nageleefd worden. Ook alternatieve beroepsgroepen mogen geen misleidende informatie geven. Wellicht heeft u mijn eerdere mail niet erg serieus genomen. Ik verzoek u dat nu wel te doen.

Op 4 november stuurt de voorzitter namens het bestuur de volgende brief.

Dank voor uw mail van 27 oktober jl., waarin u aangeeft moeite te hebben met een zin op ons platform. Namelijk dat onze leden in het bezit zijn van “een BIG-registratie of registratie bij een beroepsvereniging”.

U geeft hierbij aan dat dit niet klopt en dat het ook geen eis is om lid te mogen worden en zijn van onze beroepsvereniging.

Het is nooit onze bedoeling geweest om foutieve informatie te verstrekken, noch om onduidelijkheid te creëren. Het met succes afronden van de cranio sacraalopleiding aan het Upledger Instituut is inderdaad de enige eis die wij als vereniging stellen om lid te kunnen worden. Wel is het zo dat de meeste van onze leden een BIG registratie hebben en een nog groter aantal, maar kennelijk niet iedereen, aangesloten is bij een beroepsvereniging of register(in het geval van het RCN). Dit laatste om ervoor te zorgen dat je als therapeut in aanmerking komt voor vergoeding door een zorgverzekeraar.

Dat u op basis van onze eerdere reactie het idee kreeg dat wij u niet serieus namen is zeker niet de bedoeling en ook niet het geval. Wij waren eerder verrast door uw mail en de strekking ervan en ook ,en nog steeds, benieuwd naar waar uw betrokkenheid met de cranio sacraal therapie vandaan komt. En dus ook naar wat uw relatie met de heer W is.

In goed overleg hebben wij als bestuur besloten om de bewuste regel van ons platform te verwijderen. Wij delen uw mening dat, als wij ons als UCN gaan promoten, wij geen misleidende informatie kunnen verstrekken.

Rest mij u dank te zeggen voor uw oplettendheid en u te melden dat de tekstregel gisteren avond is verwijderd.

Met vriendelijke groet,

Namens het bestuur,

Op 25 november volgt het antwoord

Op basis van de inhoud van uw schrijven van 4 november jl. heb ik tot mijn niet geringe verbazing moeten concluderen dat een doorgehaalde psychotherapeut, die onder de alternatieve vlag gewoon doorgaat, blijkbaar niet belangrijk gevonden wordt door UCN.

In plaats van dat u de heer A uit uw ledenbestand schrapt, past u de kwaliteitseisen, zoals vermeld op uw website, aan. Uw leden zijn blijkbaar belangrijker dan de kwaliteit van die leden. Wanneer u toestaat dat een therapeut staat ingeschreven bij uw beroepsvereniging met de feiten die de heer W heeft gepleegd dan denk ik dat u zichzelf toch niet echt serieus kunt nemen. De alternatieve wereld wil serieus genomen worden. Maar een levenslange schorsing, de zwaarst op te leggen sanctie, opgelegd door een regionaal tuchtcollege wordt volledig genegeerd door uw beroepsgroep. De heer A mag gewoon doorgaan met het beschadigen van cliënten onder de noemer cranio sacraal therapie. En u wast uw handen in onschuld door te verklaren dat u geen kwaliteitseisen stelt ten aan zien van BIG-registratie of inschrijving bij een beroepsvereniging (RCN). Een UCN die geen eisen stelt aan de kwaliteit van de ingeschreven beoefenaars mag in mijn ogen de kwalificatie van beroepsvereniging niet dragen.

Mag ik u eraan herinneren dat de dood van een baby in De Steeg tot verontwaardiging leidde binnen de beroepsvereniging. Een in mijn ogen zeer ongepaste verontwaardiging waarbij voorbij werd gegaan aan het dramatisch gehalte van het gebeurde. Deze craniosacraal therapeut was niet aangesloten bij een beroepsvereniging, had geen bijscholingen meer gevolgd. En de beroepsgroep distantieerde zich.

Deze therapeut had in principe prima lid kunnen zijn van UCN. Therapeuten met passie zoals uw slogan luidt. Passie om craniosacraal te promoten. Geen passie om de cliënt te beschermen tegen misstanden.

Ik begrijp werkelijk niet dat een alternatieve beroepsgroep strijdt voor erkenning, zich wil meten met de reguliere geneeskunde, wetenschappelijk onderzoek wil initiëren maar niet optreedt tegen een therapeut die de naam van therapeut niet mag dragen. Niet in het reguliere circuit en niet in het alternatieve circuit.

In uw schrijven verwijst u onder andere naar het RCN met de toevoeging “om ervoor te zorgen dat je als therapeut in aanmerking komt voor vergoeding door een zorgverzekeraar. ” Ik dacht in eerste instantie dat het ging om kwaliteitsbewaking maar blijkbaar gaat het er alleen om om in aanmerking te komen voor vergoedingen.

Op deze laatste mail is geen antwoord gekomen.

Wat eigenlijk het antwoord is: We veranderen de eisen zodat ook veroordeelde therapeuten lid kunnen zijn van onze beroepsvereniging. Ook een therapeut die veroordeeld is wegens sexueel misbruik handhaven we als craniosacraal therapeut die middels zachte aanrakingen zorgt voor heling.

De enige juiste beslissing had moeten zijn dat de heer A direct verwijderd zou worden uit het UCN ledenbestand. En de eisen handhaven.

 

Tuchtrecht alternatief: Overschrijding competentiegrenzen leidt tot dubieuze tuchtrechtspraak

Alternatief tuchtrecht schijnveiligheid?

alternatief

De alternatieve zorg valt niet onder de Reguliere tuchtrechtspraak en niet onder de Inspectie voor de Volksgezondheid. Dat geldt dus ook voor de craniosacraal therapie. Het lijkt een professionele stap dat craniosacraal therapie een eigen tuchtcollege en daarmee tuchtrecht, kent. Toch lijkt het erop dat ook binnen het tuchtrecht de strijd voor erkenning van alternatieve beroepsgroepen boven de objectieve beoordeling van een klacht gaat.

Het tuchtrecht van de beroepsgroep RCN is onderdeel van:

Nederlandse Werkgroep voor Practizijns (NWP)
Nederlandse Vereniging voor Klassiek Homeopaten (NVKH)
Register Craniosacraal therapie Nederland (RCN)
Vereniging voor Natuurgeneeswijzen Nederland (VNT)

Dit is een zeer diverse samenstelling waarbij het al moeilijk wordt om elkaars werkterrein te beoordelen.

Er is geen enkel toezicht op het handelen van alternatief therapeuten. De eigen beroepsgroep moet dit toetsen.

Het is helaas geen theoretisch voorbeeld dat door het buiten de competentiegrenzen treden ook het tuchtrecht niet functioneert. Craniosacraal therapeuten begeven zich op het gebied van psychotherapie. Bovenstaande beroepsverenigingen zijn hierin niet gespecialiceerd. Een lid van de beroepsvereniging neemt zitting in het tuchtcollege en moet een situatie gaan beoordelen die buiten het indicatiegebied en ervaringsgebied valt.

Waar dit toe kan leiden blijkt uit de volgende Tuchtzaak:

De uitspraak van het Tuchtcollege NVKH NWP RCN VNT   inzake klacht patient A tegen therapeut B is door ons beoordeeld.

We hebben nogal wat  bezwaren tegen deze uitspraak.

Wanneer een ingediende klacht ontvankelijk wordt verklaard dient  een tuchtcollege zich uit te spreken over de ingediende klachten met motivatie betreffende al dan niet gegrond verklaring.

In dit geval betreft het een klacht met drie onderdelen. (a,b en c)

Alle onderdelen van de klacht dienen behandeld te worden en op een begrijpelijke manier gemotiveerd te worden. Op  twee klachtonderdelen  gaat het Tuchtcollege ten onrechte niet of nauwelijks in. Een inhoudelijk oordeel over dit klachtonderdeel wordt niet gegeven en dient in hoger beroep alsnog gegeven te worden.

http://www.platform-integratieve-gezondheidzorg.nl/conclusie-uitspraak-tuchtcollege/

 

Vertrouwenspersoon RCN beschaamt vertrouwen

Vertrouwenspersoon RCN handelt vanuit belang aangeklaagde therapeut en stuurt vertrouwelijke mails door aan verweerster en haar advocaat.
Vertrouwenspersoon RCN was niet neutraal en beschadigt patient hiermee.

De aan een patient toegewezen vertrouwenspersoon werkte samen met aangeklaagde therapeut en had nauwe banden met de craniosacraal therapeut die als supervisor bij de behandeling betrokken was. Bovendien stuurde hij e-mails van de patient door aan de aangeklaagde craniosacraal therapeut.

Patient heeft hierover een klacht ingediend. Een half jaar na het indienen van deze klacht met bewijsvoering dat mails waren doorgestuurd wees het bestuur RCN de klacht af.

Zij lieten weten het niet nodig te vinden om deze klacht nader te onderzoeken. Waarom men dat niet nodig vond werd niet gemeld.

Het is triest dat een traumapatient zo gehertraumatiseerd wordt door de craniosacraal therapeut, de vertrouwenspersoon RCN, de craniosacraal supervisor en de directeur van het Upledgerinstituut.

Het betreft hiermee de “top” van de craniosacraal therapie zoals ze zichzelf beschouwen. En daarmee zo ernstig omdat het blijkbaar in de cultuur van de beroepsgroep zit om fouten niet te willen toegeven en geen idee te hebben wat traumatherapie betekent. Traumapatienten, zeker waar het gaat om vroegkinderlijke trauma’s, zijn geschaad in hun vertrouwen, geschaad  in een  veilige afhankelijkheid. Als dat opnieuw gebeurd in therapie dan kan de gehele therapie als mislukt beschouwd worden met nog een hertraumatisering erbij.

vertrouwenspersoon

Het reglement vertrouwenspersonen stelt het volgende:

Gedragscode omgaan met vertrouwelijkheid voor Vertrouwenspersonen.

Geen van onderstaande 6 punten zijn nageleefd. Hoe is het mogelijk dat de klacht niet in behandeling is genomen.

http://Bron: http://www.openbaarbelang.nl/uploads/files/1/Vertrouwenspersoon%20.pdf

  1. De Vertrouwenspersoon gaat een vertrouwensrelatie aan met de klager/klaagster of andere personen dieeen beroep doen op hem/haar of tot wie hij/zij zich richt. Daarom belooft de Vertrouwenspersoon alle betrokkenen geheimhouding van hetgeen hem/haar bij de uitoefening van zijn/haar rol als Vertrouwenspersoon ter kennis komt.
  1. Uitzonderingen hierop zijn alleen mogelijk als de klager/klaagster of andere persoon/personen schriftelijk toestemming geven tot het doorbreken van deze belofte tot geheimhouding, of wanneer zeer dringende redenen aanwezig zijn, zoals in 3 omschreven.
  1. Bij het ontbreken van schriftelijke toestemming van de betrokken persoon om informatie aan derden te verstrekken kan de Vertrouwenspersoon zich pas ontheven achten van de belofte tot geheimhouding indien tenminste voldaan is aan al de vijf hieronder genoemde voorwaarden:

a. alles is in het werk gesteld de toestemming van betrokken persoon te verkrijgen,

b.  de Vertrouwenspersoon verkeert in gewetensnood door het handhaven van de geheimhouding,

c. er is geen andere weg dan doorbreking van de geheimhouding om het probleem op te lossen,

d. het is vrijwel zeker dat het niet-doorbreken van de geheimhouding voor betrokkenen of voor derden aanwijsbare en ernstige schade en/of gevaar zal opleveren,

e.  de Vertrouwenspersoon is ervan overtuigd dat de doorbreking van de geheimhouding de schade aan betrokkenen of derden in belangrijke mate zal voorkomen of beperken.

  1. Indien een dergelijke situatie zich voordoet, zal de Vertrouwenspersoon zijn/haar redenen om de geheimhouding te doorbreken met een ter zake kundige partij bespreken alvorens de geheimhouding te doorbreken.
  1. De Vertrouwenspersoon brengt betrokkene op de hoogte van het voornemen de geheimhouding te doorbreken alvorens dit daadwerkelijk te doen.
  1. Indien het doorbreken van de geheimhouding dit noodzakelijk maakt, verwijst de Vertrouwenspersoon betrokkene onverwijld naar een andere  instantie

 

Fysiotherapie en craniosacraal therapie

Fysiotherapie-praktijken.docxFysiotherapie en craniosacraal therapie

Door het Upledgerinstituut wordt fysiotherapie aangehaald als stevige basis. Vele RCN craniosacraal therapeuten zien craniosacraal therapie als ontbrekende schakel binnen de fysiotherapie.

Maar hoeveel zijn er dit werkelijk?

Nederland telt 17802 geregistreerde fysiotherapeuten.

Bron http://www.nationaalkompas.nl/zorg/huidig-zorgaanbod/

Er zijn 173 geregistreerde RCN craniosacraal therapeuten. En deze zijn niet eens allemaal geregistreerd als fysiotherapeut in het BIG register omdat ze de licentie hebben laten verlopen.

Dit betekent dat minder dan 1% van de fysiotherapeuten de craniosacraal opleiding heeft gedaan. Een opmerkelijk laag aantal voor een therapie die “het antwoord” zou moeten zijn voor fysiotherapeuten.

kngf

De KNGF (Koninklijk Nederlands Genootschap voor Fysiotherapie) verklaart dat craniosacraal niet past binnen het domein van de fysiotherapie. Sterker nog, men distantieert zich ervan.

De KNGF (Koninklijk Nederlands Genootschap voor Fysiotherapie) verklaart dat craniosacraal niet past binnen het domein van de fysiotherapie. Sterker nog, men distantieert zich ervan.

Cranio sacraal therapie past niet binnen het domein van de fysiotherapie. Het hypothetische theoretische verklaringsmodel van cranio sacraal therapie berust voor het grootste deel niet op erkende westerse fundamentele wetenschappen als anatomie en fysiologie. De redeneringen en andere theoretische verbanden die wel op basis van deze wetenschappen worden gemaakt zijn hypothetisch, louter speculatief en oncontroleerbaar. Tot dusverre worden deze redeneringen en veronderstelde verbanden ook in onvoldoende mate objectiveerbaar gemaakt. Ook doet men, althans van buitenaf waarneembaar, onvoldoende moeite om de veronderstelde verbanden toetsbaar te maken. Bovendien is er voor de veronderstelde effecten van de gepleegde interventies onvoldoende externe evidentie op basis van wetenschappelijk onderzoek.

Bron: https://www.fysionet.nl/kngf-standpunten_therapieen.pdf
Het is op zijn minst dubieus dat craniosacraal therapeuten en hun beroepsvereniging schermen met de betrouwbare stevige basis die fysiotherapie is voor de cranio sacraal therapeut om hun vak goed te kunnen uitoefenen. Dit terwijl ook zonder de opleiding fysiotherapie een craniosacraal opleiding gevolgd kan worden.

Meerdere craniosacraal therapeuten hebben craniosacraal therapie in het rijtje “specialisaties” binnen fysiotherapie staan. Hiermee wordt gesuggereerd dat het om een erkende fysiotherapeutische behandeling gaat. Websites maken niet duidelijk dat het om een alternatieve therapie gaat.

Voorbeelden hiervan zijn:

http://fysioschoutenhoek.nl/therapieen.html
http://www.karinlavrijsen.nl/Behandelingen.html
http://www.corver-fysiotherapie.nl/specialisaties/cranio-sacraal-therapie
http://www.fysiotherapiebrouwersgracht.com/
http://www.corpusz.org/cranio-sacraal-therapie/
http://www.therapiecentrumpetten.nl/therapiecentrum/
https://www.fysiowijkaanzee.nl/Default.asp?&HTTPSHASH=
http://www.fysiokarinvanhameren.nl/
http://inessensalmere.nl/therapieën/
http://cranio-indepolder.nl/
http://ifysio.nl/
http://www.fysiotherapiemariaparochie.nl/index.php?page=home
http://petravanardenne.nl/?page_id=292
http://fysio-de-enk.nl/
http://www.fysioplushoogkeppel.nl/
http://www.fysiomleerkes.nl/
http://www.therapiezevenaar.nl/
http://www.pmcz.nl/
http://www.m-visio.nl/
http://www.fysiotherapiebeelen.nl/team/
http://www.cranio-sacraal-barendrecht.nl/
http://www.mcloudon.nl/fysiotherapie/
http://www.fysicorotterdam.nl/?p=home
http://www.anthroposvoorburg.nl/
https://www.mtczoeterwoude.nl
http://www.sensgezondheidszorg.nl/
http://www.praktijkdejongh.nl/
http://www.cesar-tongelre.nl
http://www.sensbeweegtje.nl
http://www.demobielemens.nl
http://www.teirlinckfysiotherapeuten.nl
http://www.integrale-manuele-therapie.nl/
http://www.astridaretz.nl/
http://www.fysioplus.net/

 

Levenslang geschorste psychotherapeut wordt “gerespecteerd” cranio sacraal therapeut

Psychotherapeut W wordt door tuchtcollege te Zwolle levenslang geschorst.

Toch kon deze veroordeelde psychotherapeut  docent zijn aan het Upledgerinstituut en is hij een gerespecteerd craniosacraal therapeut.

Een psychotherapeut die vanwege sexueel misbruik geschorst is gaat manuele zachte aanrakingstechnieken bedrijven. Ook nadat de beroepsgroep UCN op de hoogte is gebracht blijft hij lid.

De volledige uitspraak van het tuchtcollege:

tuchtcollege gezondheidszorg

5a. uitspraak_tuchtcollege_zwolle

Zie voor meer informatie betreffende de reactie van UCN craniosacraal therapie:

http://www.platform-integratieve-gezondheidzorg.nl/craniosacraaltherapie-veroordeelde-psychotherapeut/

Een gedeelte uit de uitspraak van het tuchtcollege:

Het Regionaal Tuchtcollege te Zwolle, oordelend  inzake de op 19 december 2000
ingekomen klacht van
A., wonende te B.,

k l a a g s t e r,
– tegen –
C., psychotherapeut,
wonende te D.,
v e r w e e r d e r.

Zoals uit de onder rubriek 1 als vaststaand aangenomen feiten blijkt en door verweerder ook is erkend, heeft hij klaagster meermalen betast, gestreeld en/of gekust en in ieder geval tot twee
keer toe met haar sexuele gemeenschap gehad. Op grond daarvan heeft het College de beide klachtonderdelen hierboven genoemd onder 2a en 2b gegrond geacht.
Verweerder heeft ter zitting verklaard, dat de diagnose DIS ten aanzien van zijn cliënte reeds was gesteld door prof. L. Hij heeft die diagnose zelf zonder meer overgenomen.
Hij beschikte niet over een verslag van de M., waar klaagster eerder onder behandeling was.  De continuïteit van de zorg maar ook verweerders eigen verantwoordelijkheid ten aanzien van
de diagnosticering werd op die wijze naar het oordeel van het College in de waagschaal  gesteld. Dit is (te meer) (ernstig) verwijtbaar omdat daarmee verweerder is tekort geschoten in
het scheppen van voldoende randvoorwaarden voor het adequaat kunnen uitvoeren van de  behandeling. De bedoeling van verweerders behandeling was klaagster structuur aan te
bieden. Volgens verweerder bestond over het doel van de behandeling en over de methodiek daarvan overeenstemming met klaagster. Klaagster heeft dat gemotiveerd ontkend en het
College is geneigd haar lezing daaromtrent te volgen ziende op de door verweerder ten  aanzien van haar gevolgde behandelingsmethodiek, die daar beslist niet mee in
overeenstemming is, waardoor een situatie kon ontstaan, die – het moge duidelijk zijn – de  tuchtrechtelijke toetsing op geen enkele wijze kan doorstaan.

Verweerder heeft bij zijn behandeling van klaagster haar immers op geen enkele wijze structuur aangeboden, integendeel, hij heeft door zijn handelen of nalaten op grove wijze inbreuk gepleegd op de lichamelijke en geestelijke integriteit van zijn cliënte.

5. ten aanzien van de op te leggen maatregel:
Het College heeft verweerders handelen of nalaten bijzonder ernstig geacht.
Zijn handelen getuigt niet alleen van een volstrekte minachting voor de geestelijke en lichamelijke integriteit van klaagster, maar ook van een hoge mate van onzorgvuldigheid ten aanzien van de diagnosticering van cliëntes ziektebeeld en ten aanzien van de keuze van de te volgen behandelingsmethodiek.

Gezien verweerders volstrekt disfunctioneren als psychotherapeut en mede gelet op de ernstige gevolgen die dat voor klaagster en in het bijzonder voor haar gezondheidstoestand met zich heeft gebracht, heeft het College na ampel beraad besloten verweerder de zwaarste tuchtrechtelijke maatregel op te leggen, namelijk de doorhaling van zijn inschrijving in het
zogenaamde BIG–register.

Psychiater geeft reactie op beschuldigingen alternatief tuchtcollege RCN

Psychiater reageert op beschuldigingen alternatief tuchtcollege RCN

psychiater

Psychiater A heeft schriftelijk gereageerd op alle beschuldigingen die het alternatief tuchtcollege heeft geuit. Dit ter ondersteuning van het beroepschrift van de patient van deze psychiater.

In dit schrijven is tevens op te maken waarom psychotherapie meer omvat dan goedwillende helpende mensen die holistisch denken en interne cursussen doen.

Een aantal citaten uit de verklaring van de psychiater:

“Ik heb aan de uitnodiging van het tuchtcollege gehoor gegeven in de veronderstelling dat men behoefte had aan een deskundige toelichting van de casus en mij relevante vragen wilde voorleggen om beter (de toedracht van) de klacht te begrijpen. Dit soort vragen had ik vanuit mijn expertise en inmiddels lange betrokkenheid kunnen en willen beantwoorden. Ik heb de klacht van mijn patiënte ondersteund omdat ik de klacht terecht vond zoals ik ook in mijn getuigenverklaring heb geschreven en onderbouwd.”

“De suggestieve teneur van de vragen tijdens de zitting vind ik helaas ook terug in de uitspraak. Tijdens de zitting kreeg ik de indruk dat mijn handelwijze het onderwerp was van onderzoek en niet die van mevrouw D. Er werd niet goed doorgevraagd en in de uitspraak wordt op grond van vooronderstellingen en aannames mijn deskundigheid in twijfel getrokken.”

“Ik word bevestigd in waar ik vijf jaar geleden voor gewaarschuwd ben toen ik ging samenwerken met een alternatieve therapeut. De alternatieve gezondheidszorg zet zich af tegen de reguliere GGZ. Ik heb geloofd in deze samenwerking, maar ik kan nu ook niet anders dan concluderen dat wanneer het mis gaat, de alternatieve therapeuten de verantwoordelijkheid afschuiven naar de GGZ. In dit geval dus naar mij.”

“Het ging dus mis, niet omdat de therapie niet goed georganiseerd was, of omdat patiënte manipuleerde of splitste, maar omdat er persoonlijke aspecten van mevrouw D begonnen op te spelen in onze samenwerkingsrelatie. Iets wat ik te laat opgemerkt heb. Mevrouw D was immers niet mijn patiënte maar een co-therapeute en haar persoonlijkheid had niet mijn aandacht. Wel haar expertise als traumatherapeute en het feit dat mijn patiënte zo aan haar gehecht was.”

“De suggestie dat ik een klacht heb ingediend voortkomende uit “het acteren” van mijn patiënte is niet juist. Ik vind het bovendien uitermate aanmatigend om van oordeel te zijn dat ik vanuit mijn professie als psychiater en inmiddels ruime ervaring als psychotherapeut dit vrijwel klassiek overdrachtsfenomeen niet zou herkennen en niet zou handelen vanuit eigen visie op het gebeurde. Ik volg mijn patiënte al vijf jaar en ken haar goed genoeg om te kunnen stellen dat machtsstrijd niet in haar systeem zit. Integendeel, patiënte zette altijd alles op alles om te verbinden en voor harmonie en veiligheid te zorgen. Iets wat haar altijd in haar leven ontbrak. En dat wist mevrouw D ook. Vandaar dat het me hoogst verbaast dat zij dit inbrengt. Voor mij een teken dat ze (nu) niet in het belang van patiënte handelt.”

“Patiënte was altijd heel loyaal naar ons toe en zorgde voor transparantie door o.a. eigen sessieverslagen voor ons beschikbaar te stellen. Ze heeft nooit naar mij toe kritiek geuit over mevrouw D.”

“Ik was op de hoogte van het feit dat patiënte zich zeer negatief over mij uitliet tegenover mevrouw D. Dat wist ik niet alleen van mevrouw D maar ook van patiënte zelf die haar kritiek openlijk naar mij toe durfde te uiten. Het zeer suggestieve karakter van het tuchtcollege, terug te vinden in het verweer van mevrouw D, dat patiënte mij en mevrouw D tegen elkaar zou uitspelen vind ik zeer verwerpelijk. Dit heb ik tijdens de gehele behandelrelatie niet waargenomen. Ik vind het kwalijk dat mevrouw D om wat voor reden dan ook gemeend heeft haar toevlucht hiertoe te nemen.”

“En nog kwalijker is dat het tuchtcollege dit heeft overgenomen. Een patiënt mag nimmer verantwoordelijk gemaakt worden voor het doen en laten van de therapeut. Dat behoort elke therapeut te weten en te hanteren als die aan therapeutische relatie begint.”

“Maar de angst voor kritiek en niet meer te kunnen voldoen aan de norm van een goede therapeut heeft naar mijn mening de overhand genomen bij mevrouw D en heeft ervoor gezorgd dat ze zich niet meer heeft kunnen handhaven als therapeut en op een ontoelaatbare wijze de therapie beëindigd.”

“De reden gaat het tuchtcollege eigenlijk niet aan. Ik geef echter deze uitleg omdat het tuchtcollege op vele fronten, en dit is er één van, wel heel makkelijk oordeelt zonder de feiten te kennen, zonder de expertise te bezitten of ernaar te vragen.”

“Als behandelaar heb ik de plicht volgens mijn reglement om te reageren en kenbaar te maken als ik van mening ben dat een medebehandelaar handelt tegen de beroepsethiek wat schadelijk is voor de behandeling en ook mijn handelen beïnvloedt. De verwijtbaarheid van het handelen van mevrouw D is mij pas in de periode na 26 januari duidelijk geworden.”

“Omdat er geen enkele communicatie tussen mevrouw D en mij meer mogelijk was heb ik dit middels het indienen van een klacht gedaan.”

“Ik moet aan mijn tuchtcollege kunnen overleggen dat ik mijn medebehandelaar heb gewezen op het door haar te verwijten gedrag.”

“Ik heb deze reactie gegeven om het College van Beroep een in mijn ogen noodzakelijke aanvulling van feiten te geven. Ik ben bereid mijn verantwoordelijkheid te nemen. Het is aan het College van Beroep om te toetsen of mevrouw D haar verantwoordelijkheid heeft genomen. Dit tuchtcollege ontslaat mevrouw D hier in hoge mate van.”

“Als de alternatieve zorg de ambitie heeft om zich met de reguliere zorg te meten dan hoort daar ook een professionele houding bij als er een terecht beroep wordt gedaan op een tuchtcollege.”

“Mevrouw D heeft zich willen profileren als traumadeskundige. En blijft dat doen ondanks dit dramatische mislopen van de behandelrelatie. Het tuchtcollege geeft mevrouw D een vrijbrief om door te gaan en niet aan zelfreflectie te doen. De “schuld” wordt bij “betrokkenen” gelegd.”

 

Alternatief tuchtcollege “veroordeelt” psychiater na falen eigen therapeut

Alternatief Tuchtcollege veroordeelt psychiater.

alternatief tuchtcollege

Psychiater A gaat op verzoek van haar patient samenwerken met  craniosacraal therapeut B. Dit is vrij uniek te noemen. Deze psychiater denkt niet in de vastgestelde medische hokjes. Craniosacraal therapeut B vindt zichzelf een betere psychotherapeut en besluit niet meer samen te werken met psychiater A. Ze werkt samen met psychotherapeut C die levenslang geschorst is wegens sexueel misbruik van een patient.

Craniosacraal therapeut B overschrijdt alle therapeutische grenzen ten aanzien van haar patient en verbreekt vervolgens de therapeutische relatie per mail zonder enige opvang, doorverwijzing of overdracht. Dit gaat objectief in tegen alle richtlijnen van de beroepsgroep. De beroepsgroep  craniosacraal  pretendeert een veilige beroepsgroep te zijn omdat alle therapeuten het reglement naleven.

Patient dient een klacht in. Ook psychiater A dient een klacht in. Hier volgen enkele zeer dubieuze uitspraken van het tuchtcollege:

“De psychiater zou ook een persoonlijke band met klaagster zijn aangegaan; zij ging bijvoorbeeld met haar winkelen. Ter zitting heeft de psychiater dat niet tegengesproken”

De psychiater is niet aangeklaagd. Er is de psychiater niet gevraagd om een reactie. Het tuchtcollege kan op grond van de ingediende klacht en stukken hierover niet oordelen.

Het college is van mening dat dit gevaar onvoldoende door verweerster (en psychiater) is onderkend.

Het college stelt dat de psychiater dit onvoldoende onderkent heeft. Wederom kan men dit niet beoordelen. Bovendien gaat de klacht niet over de psychiater.

“De psychiater stelt dat zij zich terugtrok uit de trauma behandeling en enige afstand nam, maar kennelijk bleef zij de patiënte regelmatig zien. Zij bleef behandelend psychiater en het was onduidelijk wie nu welke invloed op de behandeling van klaagster had”

“Dat overdracht naar andere behandelaars niet mogelijk zou zijn bij DIS patiënten, zoals de psychiater stelt, is naar de mening van het college in zo’n geval niet vol te houden. De schade die in deze voortgang en onenigheid aan het therapeutisch proces en aan de patiënt berokkend kan worden, laat zich wel degelijk afwegen tegen een goed begeleide overdracht aan andere behandelaars.”

Het tuchtcollege overruled de mening van de psychiater. Zij kunnen hierover niet oordelen.

“Zij beweert in haar klacht aan het RCN en later in haar schriftelijke ondersteuning van de klacht bij het Tuchtcollege dat zij tevoren niet op de hoogte was van de opzegging. Dat mag op zichzelf misschien zo zijn, maar uit het mailverkeer blijkt dat zij de onhoudbaarheid van de situatie moet hebben gezien.”

Ook dit is niet onderzocht. Wederom wordt er een uitspraak over de psychiater gedaan.

“Het is dan ook verbazingwekkend dat zij zelf een klacht indiende over het handelen van verweerster, ‘nadat zij de effecten bij patiënte had waargenomen’.”

Weer een oordeel over de psychiater.

“In plaats dat klaagster direct aan verweerster vroeg om deze kist of doos te retourneren, deed de psychiater dat voor haar.”

Het college heeft geen inzicht in de achtergrond van deze situatie en suggereert dat de psychiater dit niet had moeten doen.

“Dergelijke dwingendheid vervat in het acteren van klaagster -voortkomend uit pathologie of het complex aan psychologische fenomenen bij de behandelrelatie-lijkt gedurende de hele behandelperiode telkens bij beide therapeuten een vruchtbare bodem gevonden te hebben. De voortzetting daarvan lijkt zich ook te uiten in de zelfstandige klacht en de ‘getuigenverklaring’ van de psychiater.”

Dit oordeel heeft niets met de klacht te maken en hiermee wordt ook de psychiater gediskwalificeerd.

“Hoe ook verweerster de sturing en correctie van de psychiater, die volgens het college als hoofdbehandelaar kan worden aangemerkt”

Verweerster wilde niet meer samenwerken met de psychiater. In deze constructie is niet zonder meer vast te stellen dat de psychiater hoofdbehandelaar was.

De uitspraak bevat nauwelijks uitspraken van verweerster. Verweerster is ook nauwelijks wat gevraagd. Het was psychiater A die ter verantwoording geroepen werd.

De psychiater heeft gereageerd op alle aantijgingen.

Opleiding craniosacraaltherapie onvoldoende voor toegeëigende vaardigheden

Opleiding craniosacraal therapie onvoldoende voor toegeëigende vaardigheden.

Waar dit gebrek aan opleiding toe kan leiden wordt uitgebreid beschreven in de tuchtzaak tegen een craniosacraal therapeut te Velp. Zij weet zich beschermt door de directeur van het Upledgerinstituut. Nadat ze de grenzen van de therapeutische relatie grof heeft overschreden verbreekt ze de therapeutische relatie per mail. De patient vindt vanaf dat moment alleen maar tegenwerking. De craniosacraal therapeut schakelt een advocaat in. Alle middelen worden ingezet om de therapeut als slachtoffer neer te zetten en de patient als een manipulatieve dader.

Pas na anderhalf jaar en na ingrijpen van rechter Vergunst wordt de patient in hoger beroep volledig in het gelijk gesteld.

De overschrijding van de competentiegrenzen gaat echter gewoon door. Betreffende therapeut ziet zichzelf nog steeds als slachtoffer.

En nog steeds worden psychotrauma’s door craniosacraal therapeuten behandeld. Een voorbeeld van de schijnveiligheid van de alternatieve beroepsgroep. Een eigen tuchtcollege gaat oordelen.

En zelfs een hoger beroep is niet afdoende om de beroepsgroep excuses te laten maken. Betreffende therapeut ziet zichzelf als behorende tot de “top” van de craniosacraal. Dit is op zich al aanmatigend wanneer men beseft dat het om 173 therapeuten gaat.

Hoe treurig het gesteld is met zelfreflectie geeft de volgende foto die op twitter verschenen is aan:

Betreffende therapeut wordt toegejuicht na afloop van haar bijscholing trauma. Een bijscholing die één week na de dramatisch verlopen tuchtzitting van deze therapeut plaatsvond. Deze therapeut heeft samen met de directeur van het Upledgerinstiuut verklaard dat tijdens deze bijscholing gecommuniceerd wordt dat zware trauma’s niet thuishoren binnen het competentieprofiel van de craniosacraal therapeut. Dit gebeurt niet. Cursisten geven aan na deze module nog beter in staat te zijn om zware psychotrauma’s te behandelen.

opleiding trauma

Deze therapeut heeft overigens geen enkele opleiding op het gebied van psychotrauma. En heeft tot op de dag van vandaag geen enkele poging ondernomen om de hertraumatisering van haar patient op te heffen. Integendeel.

Voor meer informatie zie:

http://www.platform-integratieve-gezondheidzorg.nl